Als morgen waarschijnlijk voor de vierde keer deze maand een maximumtemperatuur dagrecord aan diggelen gaat, is er met name op de zandgronden in Oost en Zuid Nederland  die het meeste opwarmen,  grote kans op zomers onweer.

Maar veel meer dan een buitje voor het stof zal het waarschijnlijk niet opleveren. Als er wel veel regen valt dreigt verslemping van de bodem.

Droger dan in 1945

Hoe het ook zij, het voorjaar is hard op weg om de boeken in te gaan als uitzonderlijk droog en warm. En dat na een recordnatte winter. Zelfs 75 jaar geleden (inderdaad het bevrijdingsjaar!) was het van half maart tot en met half april niet zo droog als dit jaar, met slechts enkele millimeters neerslag in een maand tijd. De 14 daagse weerkaarten laten een patroon zien dat ook in de groeiseizoenen van 2018 en 2019 zo dominant aanwezig was: grootschalige hogedrukgebieden boven Midden en Noord Europa.

Klimaatverandering en ozonlaag

De klimaatzone tussen de polen en de evenaar lijkt op te zijn geschoven naar het noorden. Komende week kan richting het einde van de week het april maximumtemperatuur record aan diggelen gaan. Hoe zonniger, hoe groter de kans. De zonkracht is extreem groot, want er zijn aanwijzingen dat de ozonlaag in de dampkring, die ons beschermt tegen de verbrandende hitte van de zon, dunner is dan normaal.

Record droge start voorjaar? 

Gaandeweg de tweede helft van april lijkt het extreem zomerse aprilweer wat af te zwakken, zonder dat er sprake is van een weeromslag met regen van betekenis. Dat betekent dat het voorjaar nooit eerder in de moderne meetgeschiedenis (gemeten in de Bilt sinds 1901) zo droog van van start is gegaan.