Nu de koude nachten voorbij zijn en dagelijks de 20 gr C grens wordt gepasseerd, kleurt de mais groen en komt de groei er goed in. Alleen op schrale hoge zandgrond tempert vochttekort de beginontwikkeling fors.

Op alle andere grondsoorten zorgt bodemvocht onder het kiembed er voor dat de groei niet ernstig vertraagt. Dat is een verschil ten opzichte van vorig jaar, toen de ondergrond ook veel minder vocht bevatte. Nu is er een grote bodemvoorraad, zeker op de nattere gronden dichter bij de kust. In heel Nederland stond de neerslagteller medio maart immers op record hoeveelheden neerslag sinds de start van de winter.

Onderzaai in mais niet eerder dan half juni

Dat is gezien de record droge start van het groeiseizoen, gerekend vanaf 1 april, nauwelijks meer voor te stellen. De vochttekort prognose van het KNMI is ronduit dramatisch en nog nooit vertoond. Record warm is het echter niet en dat wordt het ook niet de komende dagen.

Dat betekent dat het moment waarop idealiter gestart kan worden met onderzaai van groenbemester in mais nog even op zich zal laten wachten. De daarvoor benodigde Tsom van 350 -400 gr C is waarschijnlijk zeker niet eerder dan half juni bereikt. Om rond dat tijdstip te kunnen starten moet de gemiddelde etmaaltemperatuur van vanaf  1 april  minimaal 15 gr C zijn. Maar dat is niet het geval. Tenzij de weersverwachting voor de langere termijn hogere maximumtemperaturen zal gaan laten zien dan de huidige 20-25 gr C.

Besluit nemen over tweede snee gras

De record droogte betekent voor de tweede snee gras dat er keuzes gemaakt moeten gaan worden. Staat er minder dan 1500 kg ds per hectare en is de groei er uit, dan is het advies het gewas te laten staan, ter bescherming van de zode die zal gaan uitdrogen. Is de groei er uit en staat er nog geen volgroeide maaisnede, dan is het advies toch niet meer te wachten met inkuilen. Door de verdroging zal het gras eerder gaan schieten en snel voederwaarde verliezen.

Dit artikel kwam mede tot stand op basis van informatie van Groeikracht Zuid